Biobrandstoffen

Categories:

Over biobrandstoffen is al heel wat inkt gevloeid. Ooit zag men ze als dé oplossing voor onze toekomstige mobiliteitsbehoeften, later werden ze verguisd omdat we landbouwoppervlakte gingen gebruiken voor onze dorst naar energie. Net als voor alle andere technologieën is hier enige nuance op zijn plaats.

  1. Hoe werkt het?
  2. Beter voor het milieu?
  3. En mijn portemonnee?
  4. Tanken
  5. Beschikbare voertuigen

 

1. Hoe werkt het?

Biobrandstoffen zijn brandstoffen die afkomstig zijn van biologisch materiaal. Enkele biobrandstoffen die vaak voorkomen in de transport wereld zijn:

  • Bioethanol, een vervanger voor benzine. Wordt bekomen uit gewassen zoals suikerbieten, suikerriet, tarwe, cellullosehoudende gewassen...
  • Biodiesel, een vervanger voor diesel. Wordt bekomen uit oliehoudende gewassen zoals maïs, koolzaad, soja...
  • Puur plantaardige olie (of PPO), eveneens een vervanger voor diesel. Wordt bekomen door rechtstreekse persing van oliehoudende gewassen. De eerste dieselmotor van Rudolf Diesel liep zelfs op PPO!
  • Biogas, als alternatief voor CNG (aardgas). Het wordt gewonnen uit de vergisting van organisch materiaal als afval (GFT...), slib, mest ...

Biobrandstoffen worden vaak in mengvormen gebruikt, bijvoorbeeld vermengd met gewone benzine of diesel. Als het aandeel van de biobrandstof in het mengsel klein is, hebben de gewone benzine- en dieselmotoren er geen moeite mee.

Als het aandeel biobrandstof groter is (zoals in E85: 85 % bioethanol, 15% benzine) moeten er aanpassingen gebeuren aan de brandstoftoevoer en de motorsturing.

Een technisch voordeel van biobrandstoffen is het feit dat ze – zoals conventionele brandstoffen – gewoon in een tank meegenomen kunnen worden, wat nog steeds voor een grotere energiedichtheid zorgt dan wat momenteel in een batterij mogelijk is.

[terug naar begin van de pagina]

2. Beter voor het milieu?

De redenering bij biobrandstoffen is vaak als volgt: de CO2 die vrijkomt bij de verbranding wordt volledig gecompenseerd door de CO2 die de planten opnamen tijdens hun groei. Dat is echter niet correct aangezien er ook energie nodig is (en CO2 uitgestoten wordt) voor het verbouwen van de gewassen (tractoren, meststoffen...) en voor de verwerking van de gewassen tot biobrandstof. Zo komen we tot een netto reductie van de CO2-uitstoot van 20 à 60 % voor bioethanol (tot 90% voor 2de generatie ethanol uit cellulosehoudende gewassen) en 40 à 50 % voor biodiesel. De reductie is nog gunstiger voor PPO aangezien hier geen ingewikkeld verwerkingsproces plaatsvindt.

Of de schadelijke uitstoot vermindert, is sterk afhankelijk van het soort gewassen en het type biobrandstof dat gebruikt wordt en het (soms verre) transport, maar doorgaans scoren biobrandstoffen, van de bron tot aan het wiel, iets minder goed voor de uitstoot van stikstofoxides (NOx) en zwaveldioxide (SO2), die zorgen voor ozonvorming en verzuring van het milieu.

Bovendien is het efficiënter om biologisch materiaal om te zetten in groene stroom (en er dan elektrische voertuigen mee te laten rijden) dan het te verwerken tot biobrandstoffen.

Ten slotte is er de discussie over de concurrentie tussen voedselproductie en energieproductie. Bovendien verdwijnt er heel wat natuur om plaats te maken voor de teelt van gewassen voor biobrandstoffen. Dit is zeker het geval bij biobrandstoffen van de eerste generatie waarbij vruchtbare landbouwgronden en voedselgewassen gebruikt werden om brandstoffen te maken en bossen hiervoor sneuvelden. Duidelijke verificatie en certificatie voor de duurzaamheid van de huidige biobrandstoffen, is er op dit moment niet.

De biobrandstoffen van de tweede generatie zijn echte niet voedselgerelateerd. Men maakt gebruik van niet-eetbare planten of niet-eetbare delen van voedingsgewassen en bij voorkeur van minder vruchtbare gronden. Deze zijn momenteel in ontwikkeling, maar zijn ten vroegste binnen 5 jaar commercieel beschikbaar.

[terug naar begin van de pagina]

3. En mijn portemonnee?

Een flexfuel-voertuig (een voertuig dat standaard zowel op benzine als op bioethanol kan rijden) is nauwelijks duurder dan een benzineversie. Het brandstofsysteem van een bestaand voertuig aanpassen, kost enkele honderden euro.

Aan de pomp is de prijs van een liter biobrandstof ongeveer gelijk aan de prijs van een liter benzine of diesel, sterk afhankelijk van de accijnzen die erop betaald moeten worden.

[terug naar begin van de pagina]

4. Tanken

Aangezien het om vloeibare brandstoffen gaat, verloopt tanken heel klassiek. Een paar grote brandstofmerken mengen trouwens vandaag al een fractie biobrandstof in hun benzine of diesel.

PPO wordt eerder plaatselijk toegepast, waarbij bijvoorbeeld een boer zijn eigen oliehoudende gewassen teelt, perst tot PPO, die opslaat en gebruikt in de dieselmotoren van de landbouwmachines.

[terug naar begin van de pagina]

5. Beschikbare voertuigen

Sommige merken, zoals Ford, Saab en Volvo, hebben standaard flexfuel-auto’s in hun gamma. Een actueel overzicht vind je in onze voertuigendatabank.

Biobrandstoffen, zoals E85, zijn in België echter nog nauwelijks verkrijgbaar. Hoogstens wordt een paar procent biobrandstof bij de klassieke benzine of diesel gemengd.

[terug naar begin van de pagina]

Eerstvolgende events

Partners en Sponsors

Gerealiseerd met Drupal, een open source content management systeem